Home Subject Areas Samenleven Over SocioSite Zoek Banner Contact

Telewerk
in het informationele kapitalisme

- Flexibilisering van werktijd en werkplek -

Index Informationele revolutie

Wat is de toekomst van de arbeid? Laten we we lastigste vraag maar meteen aan de orde stelllen. Volgens sommigen gaat de toekomst van de arbeid over het accepteren van het 'einde van de controle': weg met bureaucratie en hiërarchie; leve de laterale netwerken en autonomie. Volgens anderen gaat het om de acceptatie van een soort chaos theorie: weg met regels en routines; leve verwarring en de flexibiliteit. Er zijn ook mensen die denken dat de toekomst van de arbeid gelegen is in het 'verslaan van de zwaartekracht'. In het afgelopen tijdperk leek de arbeid met beide benen stevig op het industriële plateau te staan. Door de informationele revolutie is de arbeid tegenwoordig steeds vluchtiger: arbeid begint vloeiender te worden en begint te zweven in de digitale lucht van de electronische netwerken. Er ontstaan steeds meer arbeidsplaatsen die de wetten van de zwaartekrachten verslaan omdat er alleen nog maar gewerkt wordt met digitaal materiaal en virtuele communicatie dat wordt uitgewisseld tussen verbindingspunten van de elektronische netwerken.

Er bestaat geen eenduidige en allesomvattende theorie van de arbeid. Misschien is het zelfs onmogelijk om een algemene theorie van de arbeid te ontwerpen vanwege de breedheid en complexiteit van het onderwerp. We kunnen wel proberen om de contouren van de toekomst van de arbeid in kaart te brengen, om een paar ontwikkelingstrends te identificeren en om een paar hypothesen op te werpen en te toetsen. Daarbij maken we gebruik van empirisch onderzoek dat de toets der kritiek heeft weerstaan.

De informatisering van de arbeid en de computerising van werk met een hoog informatiegehalte hebben geleid tot een omwenteling in de tijd-ruimtelijke structurering van de arbeid. Produktiewerk is niet langer een synoniem voor zware lichamelijke arbeid aan mechanische machines. Kantoorwerk is niet langer een synoniem voor dikke dossiers en stapels papier. De benodigde informatie is vanaf iedere willekeurige plek digitaal oproepbaar. Met de komst van ISDN, ASDL en kabel is een netwerk-pc thuis net zo snel als die op kantoor. Toch gaat het gros van werkend Nederland nog dagelijks de deur uit alsof de tijd heeft stilgestaan. Blijkbaar moeten we nog steeds wennen aan het idee dat 'thuisblijven' ook 'werken' kan betekenen. Telewerk kent echter meerdere vormen dan 'telethuiswerk'.

De nieuwe informatie- en communicatietechnologieën maken het mogelijk om overal en op elk tijdstip te werken. Deze nieuwe instrumenten veroorzaken een drastische omwenteling van de plaatsen waarop en de tijden waarin we werken; zij revolutioneren de conventionele tijd-ruimtelijke structuren van de arbeid die sinds de opkomst van het industriële kapitalisme maatgevend waren. Kenmerkend voor de structurering van de maatschappelijke arbeid in het industriële tijdperk was een specifieke eenheid van ruimte en tijd: concentratie van arbeidskrachten op één lokatie (fabriek of kantoor) in combinatie met gestandaardiseerde 'normale' arbeidstijden. In het informationele tijdperk lijkt dit structureringsmodel volledig op zijn kop gezet te worden: deconcentratie van arbeidskrachten naar verschillende lokaties in combinatie met gediversifieerde 'flexibele' arbeidstijden. Het meest opvallende kind van deze nieuwe ontwikkeling heet telewerk. Kortom: het 'model van de fabriek' zal steeds meer worden vervangen door het 'model van telewerk'. Voor het zover is, zullen er nog veel onbekende problemen gesteld en opgelost moeten worden. We staan nog maar aan de wieg van een kind van de 21e eeuw, dat iets te vroeg geboren lijkt te zijn.

Telewerken is het flexibiliseren van arbeid naar tijd en plaats. Telewerk is tijd- en plaatsonafhankelijk werken met behulp van informatie- en communicatietechnologie. Er is sprake van telewerk wanneer informatie- en communicatietechnologieën (ICT's) worden gebruikt om werk te verrichten op afstand van de plaats waar de arbeidsresultaten nodig zijn of waar het werk conventioneel verricht zou worden.

Telewerk is 'in'. Het is onderwerp van heftige politieke discussies én van sociaal-wetenschappelijk onderzoek. In het sociaal-wetenschappelijk onderzoek over telewerk staan drie thema's centraal.

  1. De industriële of 'fordistische' fase van het kapitalisme met haar massaproduktie van gestandaardiseerde goederen en daarmee verbonden geconcentreerde arbeidsvormen wordt steeds meer vervangen door nieuwe produktievormen (zoals 'lean production', 'just-in-time' produktie en het 'groepsconcept') die vooral gekenmerkt worden door flexibiliteit:
    • 'just-in-time' produktie;
    • diversificatie van de waren voor nismarkten;
    • een flexibele beroepsbevolking;
    • wereldwijd mobiel kapitaal
    • hiermee corresponderende culturele veranderingen.
    De opkomst van telewerk is dus zeker geen op zichzelfstaand fenomeen maar onderdeel van een veel globalere transformatie van arbeidsorganisatorische systemen.

  2. Er treedt een tijd-ruimtelijke verdichting van de arbeid op. De versnelling van de tijd en de contractie van de ruimte wordt mogelijk gemaakt door nieuwe technologieën:
    • nieuwe vormen van telecommunicatie
    • snelle nieuwe produktie- en distributiemethoden
    • nieuwe consumptiegewoontes
    • nieuwe methoden van financiering
    De plaats- en tijdgebondenheid van arbeid en organisatie wordt gerelativeerd. Hierdoor ontstaat een nieuwe culturele en intellectuele constellatie die door sommige auteurs als 'postmodern' wordt aangeduid, maar die hier informationeel kapitalisme genoemd zal worden.

  3. De overgang van moderniteit naar postmoderniteit, van fordisme naar postfordisme of van industrialisme naar postindustrialisme impliceert geen afscheid van het kapitalisme en ook geen teruggang naar de idylle van een concurrentiekapitalisme als een wereld van kleine ondernemers. De fundamentele logica van de accumulatie is nog steeds geldig en strekt zich in steeds sterkere mate uit tot gebieden die voorheen als 'privé' werden aangemerkt. Door de informatisering van de arbeid is een globale 'informatieruimte' onstaan die in toenemende mate alle maatschappelijke sferen omvat. Klanten worden 'systemisch' in de produktieprocessen van ondernemingen ingesnoerd. Het wordt steeds duidelijker wat 'economisering van de leefwerelden' kan betekenen.
    • Met behulp van moderne telecommunicatietechnologieën wordt het mogelijk om goederen en diensten waren direct bij de potentiële kopers te brengen en het aanschaffen van waren te verplaatsen naar de woon- of kinderkamer. Consumptie van commerciële goederen en diensten wordt hierdoor ook in de privésfeer een steeds sterker aanwezige factor. Dit gaat gepaard met een verdergaande esthetisering van de consumptie (positionering en styling van de markt in combinatie met de marketing, en niet met het scheppen van bijzondere gebruikswaarden).
    • Er worden steeds meer initiatieven genomen om klanten nog meer 'berekenbaar' te maken wanneer zij bijvoorbeeld via het Internet hun inkopen doen. Voorbeelden hiervan zijn de programma's voor 'data-mining' die de ondernemingen gebruiken om hun verkoopstrategieën door de herinterpretatie van hun klanteninformatie te verbeteren. In de traditionele 'targeting' probeerde men door demografische informatie eventuele doelgroepen (marktsegmenten van kopers) voor een reklamecampagne te identificeren. In de recente 'hypertargeting' is het marktsegment vaak een afzonderlijk huishouden of zelfs het individu. Het interactieve karakter van de elektronische snelweg maakt het mogelijk om over elke potentiële koper gedetailleerde informatie te verkrijgen. De bedrijven die zeer gedetailleerde informatie over tientallen miljoenen huishoudens in hun databanken hebben opgeslagen zijn allang geen uitzondering meer.
    • Door de insnoering van de klant worden delen van de maatschappelijke arbeid naar de privésfeer verplaatst. Deze insnoering van de klanten in het produktieproces is een nieuwe kwaliteit van de reproduktie van het kapitaal. Het Fordisme creëerde door betaling van relatief hogere lonen een voldoende koopkrachtige vraag om de goederen van de massaproduktie in voldoende aantal te kunnen afzetten; het probeerde op die manier de gegevens van de markt binnen zekere grenzen te modelleren overeenkomstig de vereisten van de produktie. In vergelijking daarmee gaan de ondernemingen in de overgang naar de postfordistische 'informatiemaatschappij' een grote stap verder: zij proberen de onzekerheden van de markt te reduceren door de distributie via elektronische netwerken en daarmee de klanten zelf tot onderdeel van de produktieprocessen maken. Een voorbeeld hiervan zijn de recente 'webstores' waarin men computers kan bestellen op het 'build-to-order' principe (BTO). De klant kiest een computer en bepaalt daarbij zelf de specifieke configuratie (wat voor disks, modems, RAM, Zips en kaarten ingebouwd moeten worden). Op het moment dat de order wordt geplaatst komt de gepersonaliseerde computer in het produktiesysteem en wordt hij in elkaar gezet. Via e-mail kan de klant zich gedurende het hele produktieproces op de hoogte laten houden van de status van zijn eigen computer (produktie, transport, aankomstdatum). Deze BTO-strategie is een modelvoorbeeld van toepassing van het 'just-in-time' principe. Het stelt ondernemingen in staat om het produktieproces zodanig te reorganiseren dat zij zonder grote voorraden toch een zeer breed skala aan produktfiguraties en variaties kunnen leveren. De computerfabrikant Apple, die deze BTO-strategie al vergaand heeft gerealiseerd, roept vanaf het Internet haar potentiële klanten toe: "Now look who's running the factory. You". Het duurt niet lang meer of er komen mensen die het nog gaan geloven ook.

Ondernemers en politici zien telewerk als een soort 'arbeid van de toekomst': iedereen zit thuis en gebruikt de bestaande techniek in de eigen werkkamer om soeverein en onder eigen verantwoordelijkheid op de produktieprocessen van het ondernemen in te haken. Onnodige reiskilometers voor de weg naar de arbeidsplek vallen weg. Wie gaat telewerken kan files of volle spitstreinen vermijden, werkt in opperste concentratie zonder gestoord te worden door jolige collega's en kan gaan werken wanneer hij/zij wil. Werkgevers hebben daar baat bij: telewerkers zijn bij uitstek ijverig personeel en zij zijn nog goedkoper ook.

Telewerken vermindert het woon-werkverkeer en draagt daarmee bij aan de vermindering van files en uitstoot van uitlaatgassen. De ruimtelijke structuur die kenmerkend was voor de industriële massaproduktie lost zich op een uitgekiende verhouding van weer bewoonbare steden en landelijke gebieden dicht bij de arbeidsplaats. De geuniformeerde tijdsstructuur van de industriële arbeid met zijn van te voren vastgelegde aanvang en einde lost zich op een veel grotere diversiteit van flexibele, geïndividualiseerde werktijden.

Telewerk biedt zeker interessante aanzetten voor een betere structurering van de arbeid. Telewerk heeft echter niet alleen voordelen, maar brengt ook een aantal nadelen en risico's met zich mee: inperking van temporele en ruimtelijke autonomie, erosie van duurzame werkgelegenheidkansen, afbraak van binding aan bedrijf als sociale plaats; afnemende invloed op vormgeving van bedrijfsstructuren; stagnatie van kwalificatie door ontkoppeling van communicatieprocessen in de onderneming; overmatige belasting en 'burn out' als gevolg van alzijdige en permanente bereikbaarheid.

Bovendien moeten we afstand houden van de onkritische visies en vermoedens m.b.t. de kwantitatieve uitbreiding van telewerk. Ondanks bemoeienis van de overheid, het ministerie van Verkeer en Waterstaat voorop, heeft telewerk nog steeds geen grote vlucht genomen. Telewerk is nog geen 'mainstream' vorm van arbeidsorganisatie.

De schattingen over het aantal telewerkers lopen nogal uiteen. Dit heeft verschillende redenen:

  1. Er bestaat geen breed geaccepteerde definitie van telewerk. De schattingen variëren dus omdat er sommige onderzoekers met een meer afgebakend begrip van telewerk opereren dan anderen.
  2. Het moeilijk is om telewerkers te tellen omdat ze het meestal part-time doen. Over het algemeen spreken onderzoekers van telewerken als er 'met behulp van telematica twintig procent van de arbeidstijd op afstand van de reguliere werkplek gewerkt wordt'.
  3. De methoden van onderzoek waarmee de gegevens worden verzameld verschillen.
Hoe men de kwantitatieve trends ook denkt te kunnen meten en interpreteren, er lijkt een nieuw soort thuiswerker te zijn ontstaan - de moderne loonafhankelijke telethuiswerker. De traditionele thuiswerker combineerde werk voor de fabrikant (en daarmee voor de wereldmarkt) met een landbouwbedrijfje of een andere vorm van huisnijverheid. Hierdoor kon een belangrijk deel van de reproduktiekosten van de arbeid worden afgewenteld op pre-kapitalistische arbeidswijzen.[2]
De moderne thuiswerker opereert in volledige afhankelijkheid van kapitalistische ondernemingen die hierdoor niet alleen in staat zijn de reproduktiekosten van de arbeid te drukken (wat blijkt uit de loonverschillen tussen thuiswerkers en loonarbeiders die hetzelfde produkt in bedrijfsverband vervaardigen), maar ook om zich flexibel aan te passen aan de wisselingen op de markt (daarom zijn de werkzekerheid en de sociale zekerheid van thuiswerkers vaak zeer minimaal).

Index Informationele revolutie

Index


[1] Het informatiepakket Telewerken van PTT-Telecom kan telefonisch worden aangevraagd op nummer: 0800-0403 of direct bestellen. Het Telewerkforum stelt zich tot doel het telewerken te promoten en informatie-uitwisseling hierover te bevorderen.

[2] Zie voor een economische interpretatie van de zgn. proto-industrie: Van Zanden [1991:21,111 e.v. - Arbeid tijdens het handelskapitalisme] en Worsley [1984:198 - The Three Worlds].

Index
Home Subject Areas Samenleven Over SocioSite Zoek Banner Contact

@1997-2017
dr. Albert Benschop
Universiteit van Amsterdam
Laatst gewijzigd: 15 September, 2013