| Arbeid & Organisatie | Home | Subject Areas |
|---|
| Docenten | Albert Benschop | Luuk Wijmans |
| Periode | 1e Trimester Eerste bijeenkomst: 7 sept. 1998 |
| Studiepunten | 7 punten |
| Onderwijsvorm | Colleges & Werkgroepen |
| Tijdstip | college: ma. 17.00 - 19.00 uur werkgroep: wo. 19-21.00 uur |
| Plaats | maandag: OMP, C217 woensdag: OMP C105 / C205 |
| Aanmelding | Tegenover kamer E015, Oost-Indisch Huis |
| Boordelingsvorm | Schriftelijk |
| Tentamendata | Opdracht: 19 october - 2 november 1998 Let op: gewijzigd! Tentamen: 7 december 1998 Herkansingen: 1 februari 1999; 17 mei 1999 |
Voorts is een doel in deze module het inzicht in de actuele (beleids)gerichte debatten ten aanzien van arbeid, arbeidsmarkt en arbeidsverhoudingen te vergroten. Aan de hand van theoretische en empirische studies wordt ingegaan op:
1e college: Toekomst van de arbeid in de informatiemaatschappij (AB)
Welke veranderingen voltrekken zich in de structurering van de arbeid? Staan we aan het einde van de 'arbeidsmaatschappij' en aan het begin van de 'informatiemaatschappij'? Of wordt er afscheid van de 'verzorgingsstaat' genomen en gaan we in de richting van een 'turbo-kapitalisme' op wereldschaal? Om deze algemene vragen te beantwoorden worden de volgende thema's behandeld:
2e college: Telearbeid - (AB)
Als we de toekomst van de arbeid in een woord zouden moeten samenvatten dan is het 'telewerk'. Bijna een half miljoen mensen in Nederland zijn op de een of andere manier aan het telewerken. En dat zullen er steeds meer worden. Telewerk is tijd- en plaatsonafhankelijk werken met behulp van informatie- en communicatietechnologie. In dit college gaan we in op de volgende thema's:
3e college: Maatschappelijke arbeidsverhoudingen: een analytisch perspectief (AB)
De centrale vraag in dit college is: Wat zijn maatschappelijke arbeidsverhoudingen en op de wijze kunnen deze worden geanalyseerd? Het accent ligt op benaderingen waarin arbeidsverhoudingen vanuit het machtsperspectief worden gethematiseerd. Arbeidsorganisaties en -markten worden daarin opgevat als strategische velden (arena's) waarop verschillende belangen en verlangens, waarden en aspiraties conflicteren dan wel coöpereren. Maatschappelijke arbeidsverhoudingen worden behandeld vanuit analytisch perspectief
Literatuur: Bader/Benschop, Machtskansen in arbeidsverhoudingen.
4e college: Kwaliteit van de arbeid (AB)
Inleiding op de hernieuwde aandacht voor verbetering van de kwaliteit van arbeid en op de socio-technische benadering van dit thema. Daarbij wordt zowel ingegaan op de architectuur van de produktiebesturing als op het ontwerp van de structuur van de arbeidsverdeling (met speciale aandacht voor de drie basisvormen: lijnorganisatie, functionele organisatie en stroomsgewijze organisatie). Bij al deze onderwerpen staat de vraag centraal: wat is de kwaliteit van arbeid en hoe kunnen we deze meten?
Literatuur: Christis;
WG: Watson hft. 6.
5e college: Arbeidsmarkt: theorieën (JV)
Wat is een arbeidsmarkt? Is het eigenlijk wel een echte markt zoals de economen beweren? Het kernprobleem is de verhouding tussen vraag- en aanbodzijde van de arbeidsmarkt. Wat is de relatie tussen produktiviteitsgroei en de vraag naar arbeidskrachten? Welke relaties bestaan er tussen de potentiële beroepsbevolking en het aanbod van arbeidkrachten? Waar ontmoeten vraag en aanbod elkaar? En waarom is dit vaak niet het geval? Wat ligt ten grondslag aan de kwantitatieve en kwalitatieve discrepanties tussen vraag en aanbod? Het thema arbeidsmarkt wordt zowel door economen als door sociologen bewerkt. Er wordt een overzicht gegeven in een aantal economische benaderingen, zoals de 'aanbodeconomen' (de klassieke en neo-klassieke economen) en de 'vraageconomen' (de keynesianen en neo-keynesianen, 'institutionele economen' en 'radicale economen'). Maar het accent zal liggen op een sociologische benadering van de arbeidsmarkt als strategisch veld.
Literatuur:Van Hoof (Arbeidsmarkt als arena); Van Hoof (Achterblijvers en buitenstaanders);
WG: Benschop (Wat is een arbeidsmarkt?); Benschop (Arbeidsmarkttheorieën).
6e college: Segmentering van de arbeidsmarkt (JV)
In dit collega staat de verbrokkeling of segmentering van de arbeidsmarkt centraal. Er wordt ingegaan op het begrip segmentering, op verschillende vormen van segmentering (vanuit vraag- en aanbodzijde; bedrijfs- en beroepsgerichte segmentering) op de wijze waarop deelarbeidsmarkten ontstaan, alsmede op het verschijnsel van interne arbeidsmarkten. De nadruk ligt op de segregatieprocessen die zich op arbeidsmarkten en in arbeidsorganisaties voordoen. Ter verklaring van deze processen zal de sociale sluitingstheorie worden behandeld. Deze wordt verduidelijkt aan de positie van vrouwen op de arbeidsmarkt. Vanuit een arbeidssociologisch perspectief op sexe-ongelijkheid komen mogelijk nog andere benaderingen aan de orde (zoals de roltheorie en de human capital theorie). Daarbij gaat het vooral om deze vraag welke onderzoeksresultaten de verschillende benaderingen hebben opgeleverd en tot welke strategische beleidsaanbevelingen zij hebben geleid (emancipatiebeleid, positieve actie, 'comparable worth' enz.)
Literatuur: van Eyl;
WG: Faber e.a.
7e college: Arbeidsmarkt in crisis: empirische trends en beleidsaspecten (JV)
Er zijn verschillende beleidsscenario's voor de toekomstige arbeidsmarkt. Deze scenario's zijn gebaseerd op visies van de werking van de arbeidsmarkt en op wensen ten aanzien van de toekomstige situatie op de arbeidsmarkt. In dit college worden drie scenario's met elkaar vergeleken: het marktscenario (naar een nog verder gepolariseerde arbeidsmarkt), het herverdelingsscenario (naar een meer egalitaire markt) en het meer keuze-scenario (naar een pluriforme arbeidsmarkt).
Literatuur: Visser (De Nederlandse Verzorgingsstaat);
WG: De Beer (Meerkeuzescenario)
8e college: Collectieve arbeidsverhoudingen: theorieën (LW)
In dit college staan de politieke en juridische aspecten van arbeidsverhoudingen centraal. Er wordt een overzicht gegeven van de theorievorming over en de basisthema's van collectieve arbeidsverhoudingen. Hierbij wordt aandacht besteed aan een klassiek theoretisch model van collectieve arbeidsverhoudingen: het Dunlop-model en de kritiek erop. Wat zijn de collectieve actoren die het terrein van de arbeidsverhoudingen bevolken? Hoe organiseren zij zichzelf en hoe organiseren zij zich tegenover hun opponenten? Welke bemiddelende of partijdige rol spelen nationale overheden? Hoe worden arbeidsverhoudingen geïnstitutionaliseerd door collectieve arbeidsovereenkomsten en wettelijke regelingen?
Literatuur: Dunlop; Kochan c.s.
WG: Watson, hft. 7 (Conflict, challenge and control in work);
9e college: Arbeidsverhoudingen op nationaal, sectoraal en onderneminsniveau (LW)
Het Nederlandse stelsel van arbeidsverhoudingen op nationaal en sectoraal niveau wordt belicht. Aan de orde komt de institutionalisering van arbeidsverhoudingen: de ontwikkeling van de Collectieve Arbeidsovereenkomsten. Voorts wordt aandacht besteed aan de recente herstructurering van arbeidsverhoudingen in relatie tot verandering op de arbeidsmarkt. Hoe ontwikkelt zich de Nederlandse 'overlegeconomie' in vergelijking tot de rest van Europa: convergent of divergent? Hoe 'scoort' Nederland in vergelijking tot andere landen op het gebied van arbeidsverhoudingen, arbeidsmarkt en arbeidsomstandigheden?
Vervolgens richten we ons op de politieke en juridische aspecten van de arbeidsverhoudingen op ondernemingsniveau. De ondernemingsraad en de vakbond in de onderneming worden bekeken vanuit het vraagstuk van de medezeggenschap.
Literatuur: De Gier; Visser; Van Hees;
WG: Crouch.
10e college: Flexibilisering van de arbeidsverhoudingen (LW)
Flexibilisering van de arbeid is primair een ondernemersstrategie welke gericht is op het vergroten van het aanpassingsvermogen of de wendbaarheid van de onderneming. Deze strategie beoogt de efficiency van de organisatie te verhogen door het elimineren van alle regels die een belemmering vormen voor het voortdurend aanpassen van de inzet van mensen en middelen aan telkens veranderende omgevingseisen. Welke ontwikkelingen aan de vraag- en aanbodzijde van de arbeidsmarkt hebben bijgedragen aan de toename van het aantal flexibele arbeidsrelaties? Welke voordelen kunnen ondernemers behalen bij een meer flexibele inzet van werknemers (flexibilisering van arbeidscontracten)? Welk belang hebben werknemers bij een flexibilisering van de arbeidscontracten? Welke ontwikkelingen in het overheidsbeleid hebben bijgedragen aan de toename van het aantal flexibele arbeidsrelaties? We geven een inzicht in de mate waarin het aantal flexibele arbeidsrelaties de afgelopen periode zijn toegenomen en in de diverse vormen van geflexibiliseerde arbeid.
Literatuur: De Haan e.a..
11e college: (AB/LW/JV)
Afsluitend college waarin de verschillende onderwerpen en thema's de revu passeren, zoals arbeidsmarkt, arbeidsverhoudingen en flexibilisering. Tevens wordt een link gelegd naar empirisch onderzoek, en met name naar het leeronderzoek.
 


Arbeid en arbeidsverhoudingen
| Het inleidende hoofdstuk van "Ongelijk-heden" kan online gelezen worden: Sociale ongelijkheid als wetenschappelijk en politiek probleem (http://www.sociosite.net/inequality/1_intro.html). |
Kwaliteit van de arbeid
Arbeid en sekse
Arbeidsmarkt
Collectieve arbeidsverhoudingen
Leerdoel | Programma Overzicht | Studiemateriaal | Reader
| Arbeid & Organisatie | Home | Subject Areas |
|---|